1waterpolitiek

Jagers en verzamelaars wonen in eenvoudige tenten, waardoor ze redelijk makkelijk van woonplaats kunnen wisselen. Hun kamp zetten ze op bij een waterrijke omgeving. Waar water is, is vaak ook leven. Planten en bomen groeien er beter, maar ook dieren. Dat betekent voedsel voor een jager verzamelaar. Omdat het water ook opraakte en een plaats niet meer vruchtbaar genoeg was, trokken ze rond.

Als er geen rivier of meer was, dan gingen ze grondwater putten. Later begon men met de eerste vormen van waterleidingen. Er werden geultjes gegraven vanaf een meer of rivier, om zo het water te verspreiden door het gebied. Zo hoefde niet iedereen pal aan het meer of de rivier te wonen, maar hadden mensen toch water.

Later hoefden jager-verzamelaars niet meer rond te trekken, maar konden ze hun nomadische bestaan inwisselen voor een boerenbestaan. Dit betekende dat ze zich permanent konden vestigen op een plek.

naar Noord-Korea (ยง5.2)Havo

 

terug naar hoofdstuk 5Havo